Citytriptrut: Sam in Kaapstad

Vorig jaar ging een van mijn beste vriendinnen voor vier maanden naar Zuid-Afrika om er stage te lopen – het kind woont in hetzelfde gat als ik en het was balen dat het lente werd en er niemand terrasjes met mij wilde gaan doen, dat kan ik je garanderen. Vriendin L en ik vonden dat het hoog tijd was om haar een bezoekje te brengen en sprongen op het vliegtuig naar Kaapstad. Nu ja, door omstandigheden moesten we aparte vluchten boeken, dus we sprongen alleen op het vliegtuig. Voor de volle achttien uur, met een overstap van zes uur in Istanboel.

En eerlijk? Ik kan dat iedereen aanraden, serieus. Zeker tijdens die overstap vond ik het eigenlijk al best om gewoon tien dagen op dat vliegveld te blijven zitten in plaats van verder te reizen naar Kaapstad. Netflix, Starbucks, een boek en de volledige vrijheid om zelf alles te beslissen. Kon ik eigenlijk best gebruiken na de hele Rambo-historie. Besides, vliegvelden zijn geweldig want the rules of society gelden er niet: het kan niemand iets schelen als je ’s ochtends om een burger gaat.

“De volgende dag beklommen we de Tafelberg. We kozen de kortste, gemakkelijkste route en let’s say dat ik daar blij om was.”

Soit, na een lange reis kwamen L en ik ongeveer gelijktijdig in Kaapstad aan. De eerste paar dagen bezochten we Robben Island, waar we rondgeleid werden door een ex-gevangene, de haven van Kaapstad en Signal Hill, waar je een prachtig uitzicht hebt over Lion’s Head, een van Zuid-Afrika’s bekendste bergen, en van een spectaculaire zonsondergang kunt genieten. Als je op tijd aankomt en niet als de zon al onder is natuurlijk. Story of our lives.

Je kunt er namelijk ook supergezellig picknicken en we hadden iets te veel tijd in de supermarkt voorzien (“Brie is ook nog lekker, nee, doe nog maar een fles wijn!”). Onderweg naar de berg reden we natuurlijk ook nog een paar keer verloren en toen we dat onding eindelijk opreden, voelde dat echt als een race tegen de tijd: we zagen de zon meter na meter steeds dieper wegzakken. Uiteindelijk ging J – die de zonsondergang al eens eerder had gezien – parkeren, terwijl L en ik de laatste zonnestralen zagen verdwijnen. En stonden te rillen van de kou, want we waren eigenlijk niet voorzien op een berg zonder zon voor we een liter wijn op hadden.

De volgende dag beklommen we de Tafelberg. We kozen de kortste, gemakkelijkste route en let’s say dat ik daar blij om was. Die duurde twee uur en dat was genoeg voor mij. Ik werd chagrijniger bij elke stap, al denk ik ook wel dat dat lag aan het feit dat ik mijn bril in de auto vergeten was en noodgedwongen mijn zonnebril moest ophouden terwijl er helemaal geen zon was en de wereld er dus enorm grijs uitzag. En toen, na tienduizend uur, kwamen we eindelijk boven aan en … was er zoveel mist dat je niets van het uitzicht kon zien. Letterlijk niets. Ik kon mijn vriendinnen amper zien als ze niet binnen twee meter van mijn gezichtsveld stonden.

Kaapstad

Bovenop de berg is een restaurant, waar we een medewerker vroegen of de mist vandaag nog zou wegtrekken. Die antwoordde kort en bondig met “nee”. Geweldig. Balend werkten we een te duur stuk pizza naar binnen en keken we naar de dassies buiten (schattigste beestjes ooit, serieus). En wonder boven wonder begon de mist weg te trekken. Jesus, ik ben nog nooit zo blij geweest na een stuk pizza. En het was het allemaal waard. Dat uitzicht, jongens toch. Fenomenaal.

Next stop: Boulders Beach. Ja, een strand vol pinguïns. How I love Cape Town. Alleen was er iets te veel wind om deftige foto’s met die beesten te kunnen maken. Mijn kapsel zag er op elke foto uit alsof het omhoog stond en het haar van mijn vriendinnen hing zowel in mijn gezicht als in dat van hen. Er was ook te veel wind om op ons gemak te kunnen zonnen op het volgend strand. En grootste bummer van allemaal: er was al zeker te veel wind om te skydiven. Dat wilden we alle drie heel graag en Kaapstad is daar met zijn prachtig uitzicht echt de ideale plek voor. Nu moeten we het in Spa doen. Wordt vast ook tof, hoor, daar niet van, maar het is Zuid-Afrika niet.

 De voorlaatste avond gingen we uit in Stellenbosch en omdat we ons tijdens de voordrink een beetje verveelden, stuurden we een paar Snapchats naar Rambo. Vandaar zijn vanaf nu eeuwigdurende obsessie met mijn twee vriendinnen. We teaseden hem wat dat we pikante foto’s wilden en ik bleef maar uitschreeuwen dat hij dat echt niet zou doen. L drong erop aan dat ik zelf iets zou sturen “want hij had toch alles al gezien” en J draaide eens suggestief met haar kont. Echt waar, geef ons nooit meer goedkope Zuid-Afrikaanse wijn want dit is wat er dan gebeurt.

“Nu ja, een dickpic delen doet wel wat met een vriendschap hoor, dat kan ik je vertellen.

Terwijl J op de wc een dronken piske zat te doen, kregen we ineens een Snapchat binnen. “My God, kom kijken, het is gebeurd, het is gebeurd!”, schreeuwde L en ik hoorde J die wc tegen tweehonderd per uur doorspoelen. Ondertussen rolde ik nog steeds met mijn ogen en lachte ik dat dat echt niet gebeuren en ik had mijn zin nog niet afgemaakt of ik moest geschokt toekijken hoe Rambo in volle glorie op mijn scherm verscheen. In his defense hadden we twee uur zijn kop zot gemaakt, maar wie doet zoiets bij zijn volle verstand? Wij waren zat, dat is een excuus. Nu ja, een dickpic delen doet wel wat met een vriendschap hoor, dat kan ik je vertellen. 

De laatste dag moest J terug gaan werken, dus gingen L en ik paardrijden en zebra’s spotten. En een giraf, wat echt mijn favoriete dier is, dus ik was nogal, euh, animal struck. En alsof de dag nog niet geniaal genoeg was, kozen we er toen ook een wijnproeverij uit waar je élke wijn mocht proeven en nergens voor moest betalen. Nergens. Elke keer de gastvrouw langskwam, mochten we een nieuw glas bestellen. Ik wil even verduidelijken dat er dertig wijnen op die kaart stonden. Best day ever, wow. Voor ik vertrok, las ik ergens dat je een stuk van je hart achterlaat in Zuid-Afrika en ik dacht altijd “bluh”, want melig. I couldn’t have been more wrong though, want mijn hart ligt daar nog, jongens. En ik ga er ooit nog wel eens om.

7 gedachten over “Citytriptrut: Sam in Kaapstad

Voeg uw reactie toe

  1. Kan je dan geloven met hoeveel liefde ik erover praat als je weet dat ik een half jaar in Kaapstad heb gewoond? 😉 Leuk om te lezen, want ik weet bij alles wat je beschrijft precies wat je bedoelt! (Over Kaapstad dan, niet die dick pic, haha)

    Liked by 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑

%d bloggers liken dit: